SantaAna (unknown poet)


I found these poems of an unknown poet in some abandoned place.


Flight UA707


You got your ticket?
You got your pass?
Your book of cricket?
Pics of your class?
Let's join our friends
that queue for the plane.
Hear the comments
on delays in the train.
The crew and the pilot
pass, waiving like gods.
They're called Dave and Violet
and captain John Potts.

So now we are leaving
the earth for the sky,
together believing
it's us that can fly.
We see stewardesses,
but God ... we don't see,
unless the plane crashes
then we'll meet Him ... maybe.

Don't give up abiding:
our Pilot takes care.
He's true to His Tiding:
we'll live over there.


(Translation: H.F.H.Reuvers)


Vlucht KL707


Heb je je ticket?
Heb je je pas?
Heb je - weet ik het?
Heb je je tas?
Ga mee in de rij staan,
maar let op je geld.
Kijk wie er voorbijgaan:
de crew en de held.
Een held met een pet op,
die noemt men piloot.
Hij hijst zo de jet op,
zijn vreugde is groot.

Wij gaan dus vertrekken,
heel hoog in de lucht,
met de andere gekken
aan de aarde ontvlucht.
We zien stewardessen,
maar God ... niet te zien,
tenzij we gaan crashen
en landen misschien.

Laat ons nu gaan rusten:
de Pilot geleidt
ons naar grazige kusten
buiten cosmos en tijd.


(Original: SantaAna)


Far over the sea


My grandma came to Holland when she was very young,
She walked all the way, singing a German song.
When she was an old lady, I had a chat with her.
She told me of her childhood, addressing me as 'sir'.

"My birthplace was a village in Lower Saxony.
The teacher's name was Schmalhans, he had good memory.
The people there were peasants, but very long ago
would ride to Eastland on a cart, through mud and rain and snow,
and walk without complaining to the rich Netherlands,
while selling at the doorsteps their cloth and linen bands."

"And did they choose to set out to sail the open sea,
from Frisia to Denmark or France or Brittany?"

"An ancestor in times of yore at father's mother's side
just sailed with his companions to England through the night.
And everywhere he spread his seed.
We called him uncle Edelfried."


My granddad came from England when he was still a boy.
He travelled on a steamer, singing aloud for joy.
And when he was an old man, I had a chat with him.
He told me of his childhood, addressing me as 'Jim'.

"My birthplace was a village in Anglo-Saxony.
The teacher's name was Pennyless, he had good memory.
The people there were peasants, but in the olden days
would ride into the woods over the sandy ways.
They were sir Wilfred's merry men who helped him keep the lands
of Nottingham and Sheffield from cruel Norman hands."

"And did they smell the salty sea, who never would be slaves,
to keep the freedom and the peace when England ruled the waves?"

"An ancestor in times of yore at mother's father's side
just sailed with his companions to England through the night.
With many subjects at his feet,
he was a king, king Aethelfrith."


So to myself I am kin
through six score births all in.


(Translation: H.F.H.Reuvers)


Ver overzee


Mijn oma liep naar Nederland, zij was nog erg jong,
terwijl zij bij het lopen haar Duitse liedjes zong.
Toen zij een oude dame was, heb ik met haar gepraat.
Ze noemde me 'meneer', en sprak tot 's avonds laat.

"Mijn wieg stond in een dorp in het Duitse Saksenland.
De meester heette Schmalhans, een meester met verstand.
De mensen waren boeren, maar heel erg lang geleden
zijn d'r op een boerenkar naar 't Oostland toe gereden.
Ze liepen zonder klagen met koopwaar in een mand
langs alle boerenerven naar 't rijke Nederland."

"En voeren zij naar Frankrijk over 't ruime sop,
of gingen uit 't Friese land de kant van Schotland op?"

"Een verre over-opa van vaders moederskant
die voer met zijn genoten naar het oude Engeland.
Hoe flink hij was, geloof je niet.
We noemden hem oom Edelfried."


Mijn opa kwam uit Engeland, hij was nog erg klein.
Hij reisde op een stoomboot, en zong een oud refrein.
Toen hij een oude man was, heb ik met hem gepraat.
Hij noemde mij 'mijn jongen', en sprak tot 's avonds laat.

"Mijn wieg stond in een dorp in 't Angelsaksenland.
De meester heette Pennyless, een meester met verstand.
De mensen waren peasants, maar in de oude tijden
zijn d'r op barre paden de bossen in gaan rijden.
Als vrienden van sir Ivanhoe met zwaarden in de hand
bestreden zij Normandiërs in 't Nottinghamse land."

"En proefden zij 't zilte nat, die nimmer slaven waren,
toen Engeland regeerd' op zee om de vrijheid te bewaren?"

"Een verre over-opa van moeders vaderskant
die kwam met zijn gezelschap per boot naar Engeland.
Hoe groot zijn rijk was, weet ik niet,
maar 't was een koning, Aethelfrith."


Dus ben ik aan mijzelf verwant
door zestig geboorten aan elke kant.


(Origineel: SantaAna)


Weit über das Meer


Großmutter kam zu Holland als sie ein Mädchen war.
Jetzt wo sie schon alt ist, stellt sie mir alles klar.
Sie war ein hübsches Kind, wie man sie häufig sieht.
Sie wanderte nach Holland, und sang ein deutsches Lied.

"Ein Dorf in Niedersachsen, dort stand mein erstes Haus.
Der Lehrer war Herr Schmalhans, er bildete uns aus.
Die Leute waren Bauern. Es war schon lange her
daß sie nach Ostland ritten, mit Tausenden und mehr.
Auch das steinreiche Holland, dort wanderten sie hin,
verkauften ihre Waren im Hof der Bäuerin."

"Und stachen sie in hohe See, mit Fernrohr und Sextant,
von Friesland nach die Inseln und ein gelobtes Land?"

"Ein Vorfahr in alten Zeiten vätermütterlicherseits,
er segelte mit Freunden nach England hin bereits.
Nahm beide seine Hoden mit.
Sein Name war Herr Edelfried."


Großvater kam von England als er ein Junge war.
Er kam mit einem Dampfschiff, und sang wie ein Husar.
Jetzt wo er schon alt ist, hat er mir viel erzählt.
Er sprach von seiner Jugend, ihm hätte nichts gefehlt.

"Ein Dorf in West-Saxony, dort stand mein erstes Haus.
Der Lehrer war Herr Pennyless, er bildete uns aus.
Die Leute waren Bauern. Es war schon lange her
daß sie im Walde ritten. Sie freueten sich sehr.
Als Freunde des sir Ivanhoe, vertrieben sie davon
die Ritters von der Normandie und Freunde des sir John."

"Und rochen sie die salze See, die niemals Sklaven wären,
als sie das Meer beherrschten um Freiheit zu gewähren?"

"Ein Vorfahr in alten Zeiten mütterväterlicherseits,
er segelte mit Freunden nach England hin bereits.
Und, glauben wir das alte Lied,
war er der König Aethelfrith."


Dann bin ich mit mir selbst verwandt,
hundert Geburten insgesamt.


(Übersetzung: H.F.H.Reuvers)


Ver overzee


Mijn oma liep naar Nederland, zij was nog erg jong,
terwijl zij bij het lopen haar Duitse liedjes zong.
Toen zij een oude dame was, heb ik met haar gepraat.
Ze noemde me 'meneer', en sprak tot 's avonds laat.

"Mijn wieg stond in een dorp in het Duitse Saksenland.
De meester heette Schmalhans, een meester met verstand.
De mensen waren boeren, maar heel erg lang geleden
zijn d'r op een boerenkar naar 't Oostland toe gereden.
Ze liepen zonder klagen met koopwaar in een mand
langs alle boerenerven naar 't rijke Nederland."

"En voeren zij naar Frankrijk over 't ruime sop,
of gingen uit 't Friese land de kant van Schotland op?"

"Een verre over-opa van vaders moederskant
die voer met zijn genoten naar het oude Engeland.
Hoe flink hij was, geloof je niet.
We noemden hem oom Edelfried."


Mijn opa kwam uit Engeland, hij was nog erg klein.
Hij reisde op een stoomboot, en zong een oud refrein.
Toen hij een oude man was, heb ik met hem gepraat.
Hij noemde mij 'mijn jongen', en sprak tot 's avonds laat.

"Mijn wieg stond in een dorp in 't Angelsaksenland.
De meester heette Pennyless, een meester met verstand.
De mensen waren peasants, maar in de oude tijden
zijn d'r op barre paden de bossen in gaan rijden.
Als vrienden van sir Ivanhoe met zwaarden in de hand
bestreden zij Normandiërs in 't Nottinghamse land."

"En proefden zij 't zilte nat, die nimmer slaven waren,
toen Engeland regeerd' op zee om de vrijheid te bewaren?"

"Een verre over-opa van moeders vaderskant
die kwam met zijn gezelschap per boot naar Engeland.
Hoe groot zijn rijk was, weet ik niet,
maar 't was een koning, Aethelfrith."


Dus ben ik aan mijzelf verwant
door zestig geboorten aan elke kant.


(Origineel: SantaAna)


Un long voyage par mer


Grandmère ... elle a parlé, étant une vieille personne.
Elle vint aux Pays Bas quand elle n'était qu'une bonne;
était une fille jolie, comme on les voit souvent,
marchait à la Hollande, chantant en allemand.

"Là dans la Basse-Saxe, ma première maison.
Le professeur Herr Schmalhans, un homme de bonne raison.
Les gens cultivateurs. Mais, il y a longtemps,
roulaient à l'est lointain, ensemble et chantant.
Et ils allaient aussi à la riche Hollande,
vendaient sa marchandise, articles allemandes."

"Et prenaient-ils le large, en route à les étoiles,
abandonnant la Frise, faisant toute force de voiles?"

"Dans les temps d'autrefois, ancêtre éloigné,
il naviguait à l'Angleterre, tout droit, dans le passé.
De toutes les femmes le favorite,
son nom était Sieur Edelfried."


Grandpère ... il a parlé, étant un homme vieux.
Il vint aux Pays Bas, chantant en tous lieux,
quand il n'était qu'un mousse à bord d'un grand bateau.
Il racontait de l'Angleterre d'où ils venaient par eau.

"Dans le royaume de Wessex, ma première maison.
le professeur Sieur Pennyless, un homme anglo-saxon.
Les gens cultivateurs, qui, il y a longtemps,
roulaient dans la forêt pour faire la lutte dedans
à l'aide de Sieur Ivanhoe, leur brave champion,
et chasser à la Normandie les hommes du vil Sieur Jean."

"Und rochen sie die salze See, die niemals Sklaven wären,
als sie das Meer beherrschten um Freiheit zu gewähren?"

"Ein Vorfahr in alten Zeiten mütterväterlicherseits,
er segelte mit Freunden nach England hin bereits.
Und, glauben wir das alte Lied,
war er der König Aethelfrith."


Dann bin ich mit mir selbst verwandt,
hundert Geburten insgesamt.


(Traduction: H.F.H.Reuvers)


Ver overzee


Mijn oma liep naar Nederland, zij was nog erg jong,
terwijl zij bij het lopen haar Duitse liedjes zong.
Toen zij een oude dame was, heb ik met haar gepraat.
Ze noemde me 'meneer', en sprak tot 's avonds laat.

"Mijn wieg stond in een dorp in het Duitse Saksenland.
De meester heette Schmalhans, een meester met verstand.
De mensen waren boeren, maar heel erg lang geleden
zijn d'r op een boerenkar naar 't Oostland toe gereden.
Ze liepen zonder klagen met koopwaar in een mand
langs alle boerenerven naar 't rijke Nederland."

"En voeren zij naar Frankrijk over 't ruime sop,
of gingen uit 't Friese land de kant van Schotland op?"

"Een verre over-opa van vaders moederskant
die voer met zijn genoten naar het oude Engeland.
Hoe flink hij was, geloof je niet.
We noemden hem oom Edelfried."


Mijn opa kwam uit Engeland, hij was nog erg klein.
Hij reisde op een stoomboot, en zong een oud refrein.
Toen hij een oude man was, heb ik met hem gepraat.
Hij noemde mij 'mijn jongen', en sprak tot 's avonds laat.

"Mijn wieg stond in een dorp in 't Angelsaksenland.
De meester heette Pennyless, een meester met verstand.
De mensen waren peasants, maar in de oude tijden
zijn d'r op barre paden de bossen in gaan rijden.
Als vrienden van sir Ivanhoe met zwaarden in de hand
bestreden zij Normandiërs in 't Nottinghamse land."

"En proefden zij 't zilte nat, die nimmer slaven waren,
toen Engeland regeerd' op zee om de vrijheid te bewaren?"

"Een verre over-opa van moeders vaderskant
die kwam met zijn gezelschap per boot naar Engeland.
Hoe groot zijn rijk was, weet ik niet,
maar 't was een koning, Aethelfrith."


Dus ben ik aan mijzelf verwant
door zestig geboorten aan elke kant.


(Origineel: SantaAna)